|
Inclusiecriteria |
Omschrijving studie |
Inclusiegetallen |
Start / Stop |
Onderzoekers |
|
- HIV-1 positieve kinderen - HIV-1-RNA <50 kopieën/ml gedurende ten minste 6 maanden - op stabiele antiretrovirale therapie - geen gedocumenteerde resistentie voor lopinavir - geen medicatiegebruik dat interactie met lopinavir geeft |
Een multiple-dose, open-label studie met als primair doel de
farmacokinetiek van lopinavir/ritonavir te bestuderen als deze 1dd wordt toegediend aan HIV-1-geïnfecteerde
kinderen. Secundair wordt ook de verdraagbaarheid en de effectiviteit van lopinavir/ritonavir in 1dd-dosering
in combinatie met 2 NRTI’s bestudeerd. De follow-up bedraagt 12 maanden. |
Totaal geïncludeerd: 19 kinderen (Sophia Kzh. (17), UMC St Radboud Nijmegen (2)) Totaal te includeren: 20 kinderen |
Start: juni 2003 Stop inclusie: april 2005 Stop: april 2006 |
Principal Investigator: Prof. dr. Ronald de Groot, kinderarts (SKZ Rotterdam) Sub-Investigator & Project Manager: Gwenda Verweel, arts (SKZ Rotterdam) Research Verpleegkundigen & Verpleegkundig Consulenten: per centrum |
De farmacokinetiek van lopinavir/ritonavir eenmaal daags in HIV-geïnfecteerde kinderen – preliminary results
G. Verweel¹, M. van der Lee², R. de Groot¹, D. Burger²; ¹Erasmus MC-Sophia, Rotterdam, Nederland, ²University Medical Centre Nijmegen-St. Radboud, Nijmegen, Nederland
Achtergrond
Lopinavir (LPV) is een HIV-proteaseremmer (PI), geformuleerd samen met ritonavir (r). De voor kinderen goedgekeurde dosering is 230/57,5 mg/m² tweemaal daags. Voor HIV-geïnfecteerde kinderen zou een eenmaaldaagse dosering een verbetering kunnen geven van het tijdstip van inname en de therapietrouw. We bestudeerden de farmacokinetiek van LPV/r eenmaal daags in HIV-geïnfecteerde kinderen.
Methoden
HIV-geïnfecteerde kinderen die op stabiele antiretrovirale therapie (ART) staan en een HIV-1-RNA viral load hebben van <50 kopieën/ml gedurende ten minste zes maanden kregen LPV/r 460/115 mg/m² eenmaal daags plus zidovudine en lamivudine tweemaal daags binnen de RONDO-studie. LPV/r werd bij de maaltijd ingenomen. Bloed werd 0, 2, 4, 6, 8, 12, 18, en 24 uur na waargenomen inname tijdens steady state afgenomen voor het meten van de farmacokinetiek van LPV. De beoogde range voor Cmin was 1.0 mg/l gebaseerd op in vitro IC50 data. Voor het meten van HIV-1-RNA werd bloed afgenomen bij screening, baseline, en na 1, 2, en 3 maanden.
Resultaten
Veertien kinderen werden geïncludeerd in de RONDO-studie. De mediane (IQR) absolute dosering van LPV die zij kregen was 400 (282 - 533) mg. De mediane (IQR) dosering per m2 was 461 (448 - 483) mg. De steady-state AUC(0-24h), Cmax, Tmax en Cmin(24h) van lopinavir waren vergelijkbaar met LPV/r 800/200 mg eenmaal daags in volwassenen. De Cmin(24h) werd als te laag beschouwd (1.0 mg/l) in 3/14 patiënten. Twee van deze patiënten waren 3 jaar oud of jonger. HIV-1-RNA na 3 maanden follow-up was beschikbaar van 13 patiënten. Twaalf van de dertien patiënten hadden een HIV-1-RNA <50 kopieën/ml. Eén patiënt had 52 kopieën/ml.
Conclusies
De gekozen dosering van LPV/r, 460/115 mg/m² eenmaal daags, leidt, in vergelijking met data van volwassenen bij gebruik van LPV/r 200 mg eenmaal daags, tot verwachte LPV plasmawaarden. Een verhoogde dosering was slechts nodig in drie van de 14 patiënten. Ondanks de grote variatie in Cmin(24h) bleef de HIV-1-RNA onderdrukt na drie maanden follow-up.
Met dank aan Abbott Laboratories voor de sponsoring van deze studie.